Invulling reserve hangt af van contractkeuze

De opbouw en het gebruik van de reserve. Dat zien pensioenfondsen als het grootste probleem in de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Met op twee de keuze tussen het solidaire versus het flexibele contract.

Dit bleek uit de polls tijdens Daalder Live, een webcast waarbij Chief Investment Strategist Lukas Daalder op 23 november 2021 pensioenfondsen en andere BlackRock-klanten een aantal vragen voorlegde over het nieuwe pensioenstelsel. Twee collega’s van Daalder, beleggingsstrateeg en pensioendeskundige Jori Arts en Hoofd Liability Driven Investment (LDI) Strategie voor Europa Jens van Egmond gaven daarbij toelichting.

De Tweede Kamer buigt zich komend voorjaar over het wetsvoorstel Toekomst Pensioenen. Het streven van het (demissionaire) kabinet is dat de nieuwe Pensioenwet uiterlijk 1 januari 2023 in werking treedt. Voor pensioenfondsen zijn veel aspecten nog onzeker. Vraag aan de deelnemers van de webcast: wat ziet u als de grootste problemen waar u in de transitie naar het nieuwe stelsel tegenaan loopt? Meest genoemd (ruim 36%) werd de opbouw en het gebruik van de reserve. 

Opbouw vanuit premies en/of beleggingsrendementen

Arts wijst erop dat de wijze waarop je de reserve belegt, mede afhangt van hoe je deze wilt gaan inzetten. Wil je de risico’s tussen generaties delen, en zo ja, in welke mate? Wil je het ontstaan van pech- en gelukgeneraties voorkomen? ‘Als je de effecten van tegenvallende beleggingsresultaten wilt beperken in de individuele kapitaalrekeningen van deelnemers, dan is het verstandig te kiezen voor beleggingen die anders reageren dan een traditionele beleggingsportefeuille met aandelen en vastrentende waarden. Denk aan laag gecorreleerde beleggingen zoals absolute return strategieën’, zegt Arts. Pensioenfondsen aarzelen nog over de invulling van de reserve, maar dat is logisch omdat dat in grote mate afhangt van hun contractkeuze; kiezen ze voor het flexibele contract, dan is opbouw van een reserve immers niet verplicht.

Contractkeuze lastig

Niet verwonderlijk dus dat een aantal pensioenfondsen (27%) juist die keus tussen de twee contracten als grootste probleem ziet. Jens van Egmond: ‘We zien dat sommige pensioenfondsen al wel een voorkeur hebben. En zich afvragen hoe ze hun operationele inrichting daar vervolgens op moeten aanpassen. Stel, je kiest voor het flexibele contract. En je wilt renterisico’s afdekken voor jongeren en deelnemers in de middenleeftijd, waar we met LDI veel mee bezig zijn. Als je dan grotendeels in aandelen belegt, zit je met de vraag waar je onderpand vandaan moet halen, want die aandelen kan je niet als onderpand gebruiken voor renteswaps. Dat vraagstuk speelt veel minder als je kiest voor het solidaire contract omdat je bij die keus min of meer kunt blijven doen wat je nu ook al doet.’

Verschillen op hoofdlijnen

Wat zijn vanuit beleggingsoptiek andere belangrijke verschillen tussen beide contracten? Arts: ‘Bij de solidaire premieregeling geldt opheffing van de leenrestrictie: deelnemers, met name jongeren, kun je dan meer dan 100% exposure naar overrendement toebedelen. Daardoor kan het pensioen in de solidaire premieregeling, bij gangbare aannames als een positieve aandelenrisicopremie en toekomstige premie-inleg, hoger uitpakken dan in de flexibele premieregeling, waar voor maximaal 100% mag worden belegd in een op rendement gerichte beleggingsmix.’ Een ander verschil betreft de mogelijkheid beleggingsrisico’s te delen. In het solidaire contract kun je deze beter verdelen tussen deelnemers, omdat in het flexibele contract wordt gedifferentieerd op lifecycles. Arts: ‘Het zou raar zijn als een deelnemer in een offensieve lifecycle gecompenseerd zou worden omdat hij extra risico neemt ten opzichte van de deelnemer die een defensieve lifecycle kiest.’ Tot slot is er het verschil in keuzevrijheid: in de flexibele regeling kun je deelnemers de mogelijkheid bieden om zelf een lifecycle te kiezen, en eventueel ook je eigen beleggingsmix te bepalen. De solidaire regeling biedt deze mogelijkheid niet.

grootste probleem van pensioenfonden momenteel