Skip to content

Waarom het voorspellen van een recessie zo moeilijk is

BlackRock |22/mei/2019

We hebben bijna tien jaar economische groei achter de rug. De kans dat er de komende jaren een nieuwe recessie komt neemt toe. Wanneer? Dat is lastiger te voorspellen dan je verwacht. Lukas Daalder legt uit waarom.

Nog twee maanden te gaan en dan is het precies tien jaar geleden dat de Amerikaanse economie zich aan de Grote Recessie van 2007-2009 wist te ontworstelen. Tien jaar is niet alleen een mooi rond getal, maar is toevallig ook het huidige record van langste Amerikaanse expansiefase ooit. De juichende tweets van Trump kunnen we al zien aankomen.

Hoe lang houdt de economie het nog vol?

Houdt de economie tot juli het kruid droog, dan zitten we in de langste expansie on record. Maar het sneuvelen van het record zal ook de vraag oproepen hoeveel langer deze expansie nog kan aanhouden.

De werkloosheid ligt volgens velen onder het natuurlijke evenwichtsniveau, winsten staan onder druk, de yieldcurve geeft dreigende signalen af en de stimulans van de belastingverlaging begint uit de cijfers te lopen. Niemand waagt zich aan de precieze timing van de volgende recessie, maar het gevoel dat we in de nadagen van deze expansie zitten overheerst. 2019 zal wellicht nog geen probleem zijn, maar 2020 of 2021?

Het einde van de cyclus is
dus nabij

Het einde van de cyclus is nabij. ‘Wat nu?’ is een vraag die we momenteel van veel klanten horen. Hoewel de neiging wellicht bestaat om beleggingsportefeuilles defensiever in te richten, is het belangrijk om te kijken naar de risico’s die besloten liggen in een al te simpele cyclusbenadering.

De risico’s van de cyclusbenadering die u
kent uit de schoolboeken

Wie de economieboeken erop naslaat, zal het beeld kennen: de conjunctuurcyclus weergegeven als een mooie gelijkmatige sinusgolf, al dan niet gecombineerd met beleggingscategorieën die de beste performance in de diverse fasen van de golf opleveren. Obligaties in een recessie, grondstoffen in het vroege herstel, aandelen in de daaropvolgende fase - ga zo maar door.

Herkenbaar en overzichtelijk, maar wie denkt dat de echte wereld zich aan dergelijke schema’s houdt, heeft het bij het verkeerde eind.

Probleem 1: de conjunctuurgolf blijkt onvoorspelbaar

Om te beginnen is de conjunctuurgolf niet altijd even voorspelbaar. Zo heeft de Japanse economie de afgelopen tien jaar vijf recessies te verwerken gekregen, waarbij van een sinusgolf geen sprake was. Zelfs de Amerikaanse economie kent geen mooie gelijknamige golf, waarbij de lengte van de expansie varieerde van 1 jaar (1980-1981) tot 10 jaar (1991-2001).

De tweede helft van de cyclus is niet altijd de zwakkere periode

Daar komt bij dat de tweede helft van de cyclus niet altijd de zwakkere economische periode is. Daar kunnen we lang over uitweiden, maar u kunt ook één blik werpen op de grafiek hieronder.

De tweede helft van de cyclus is niet altijd de zwakkere periode

Bron: BlackRock Investment Institute, data van Bloomberg en de NBER. De getallen geven de geannualiseerde rendementen weer behaald over de verschillende tijdsvlakken.

Financiële markten houden zich ook al niet aan het script

Ten slotte houdt ook de performance van de diverse beleggingscategorieën zich slechts bij uitzondering aan dergelijke stilistische schema’s. Zeker, obligaties leveren doorgaans betere rendementen dan aandelen ten tijde van een recessie, maar je hebt niet veel fantasie nodig om te snappen dat een stagflatiescenario een heel ander patroon in financiële markten oplevert dan een tijdelijke cyclische groeivertraging.

Aandelen houden zich lang niet altijd aan de vooraf vastgestelde patronen. Zo wordt regelmatig verondersteld dat de rendementen in de tweede helft van de expansiefase lager liggen dan in de eerste helft. Doorgaans klopt dit beeld, omdat winstmarges onder druk komen door oplopende loonkosten, stijgende financieringskosten en hogere grondstofkosten.

De laatste twee expansies hebben zich echter helemaal niet aan dit patroon gehouden. De verklaring daarvoor: in de periode 1998-2001 stonden aandelenmarkten in het teken van de internetbubbel, waar we in de periode 2004-2007 met de zeepbel in de Amerikaanse huizenmarkt te maken hadden. Het was niet de conjuncturele cyclus die de boventoon voerde, maar de financiële cyclus die domineerde. Anders gezegd: wie in 1998 de conclusie trok dat de we in de late fase van de cyclus terechtgekomen waren, had het gelijk aan zijn zijde, maar de aandelenmarkten legden die conclusie vervolgens nog ruim twee jaar naast zich neer.

Vraag niet wanneer de recessie komt, maar wat voor
recessie het is

Al met al is de conclusie duidelijk: cycli zijn noch symmetrisch, noch voorspelbaar, noch vergelijkbaar. De vraag zou dus niet zozeer moeten zijn of en wanneer er een recessie komt, maar veel eerder wat voor soort recessie het zal worden.

En dat is ook het onderwerp van artikel 2 in het drieluik over robuuste portefeuilles: Hoeveel pijn een recessie doet en hoe beleggers inzicht kunnen proberen te krijgen in de precieze aard van een aankomende recessie. 

Lukas Daalder
Chief Investment Strategist, BlackRock Investment Institute
Lukas Daalder is woordvoerder van BlackRock Nederland en is verantwoordelijk voor de communicatie met cliënten over de visie van het Investment Institute.

MKTGM0519E-844282